Pang is een gezellig familiespel voor 2 tot 4 spelers. Je probeert zo snel mogelijk je Pang-kaarten in de juiste volgorde uit te spelen, maar je moet ook proberen om je tegenstanders te verhinderen dit te doen.
Iedere speler krijgt 10 kaarten, de zogenaamde pangstock. Deze leg je voor je neer en draai de bovenste kaart om. Vervolgens krijg je 5 kaarten, je hand. Je mag deze kaarten inzien. De overige kaarten verdeel je in stapeltjes van 5 en leg ze kruiselings op elkaar.
Wanneer je je hand kaarten hebt uitgelegd, vraag je om een nieuw stapeltje. Als je een 1 in je hand hebt, mag je die uitspelen. Vervolgens moet je de reeks volgen met een 2, 3, enzovoort. Het doel is om series te vormen van kaart 1 tot en met 15 in het midden van de tafel. Dit zijn de sporten van de ladder. Het spel gaat door totdat een speler als eerste zijn pangstock heeft uitgespeeld.